Wietwolken over Tinte? Nederlandse glastuinbouw wil wiet.

Als we de Volkskrant mogen geloven en waarom zouden we dat niet, wil de Nederlandse glastuinbouw grootschalig wiet (marihuana) gaan telen. Dat zit zo. In Canada heeft de regering toestemming gegeven aan de glastuinbouw daar om op grote schaal wiet te gaan telen voor de wereldmarkt. En dat gebeurt op dit moment met behulp van Nederlandse kassenbouwers en Nederlandse technologie. Er zijn Nederlandse toeleveranciers voor die bedrijfstak die al een derde van hun omzet in Canada halen. Daar zijn de Nederlandse glastuinders erg van geschrokken. Het grootste deel van de wereldhandel in glastuinbouwproducten dus ook in wiet behoort Nederland toe, vinden zij. En nu zou Canada met de gegarandeerd zeer winstgevende productie van wiet op de loop gaan? Dat kan natuurlijk niet getolereerd worden. De Nederlandse regering moet om. De regels moeten soepeler. Maar of het CDA voor de verkiezingen op 20 maart a.s. nog instemt? De Mus waagt het te betwijfelen.

Stelt U zich een voor. Wiet in de polders van Tinte en Vierpolders. Als de kassen bij oplopende temperaturen gelucht moeten worden en de uitnodigende wietgeuren zich verspreiden over Ruigendijk, Konneweg en Prinsenweg. Dat wordt nog hossen in de polder of slapen net hoe u reageert op deze oude drug, minstens zo oud als de gelegaliseerde alcohol.
Mus vindt het toch een beetje raar idee als straks de wiet profiteert van de heet water voorraden in de diepe ondergrond van Voorne. Die hebben we na de energietransitie toch nodig voor de verwarming van onze dorpen en voor de teelt van onze tomaten en paprika’s. Ach u moet maar denken, tomaten, paprika’s en aubergines waren vroeger ook exoten en nu beheerst de Nederlandse glastuinbouw de wereldmarkt er mee. En geef toe Tinte en Vierpolders hebben de haven van Rotterdam onder handbereik voor de distributie. Daar zijn ze er trouwens al aan het verspreiden van geestverruimende middelen gewend.
De glastuinbouw moet de kans krijgen zich te verbreden. Daar werken de provincie Zuid-Holland en de gemeent Westvoorne al hard aan. Aan de Konneweg in Tinte is al een grote caravanstalling verrezen, er staat al een en kookvoorlichtingscentrum. Het ligt toch voor de hand daar een wiet voorlichtingscentrum aan toe te voegen. Krijgen we wellicht eindelijk eens een paar afgewogen recepten voor spacecakes.

Westvoorne in de “green destionation top 100”???

Onze kwaliteitskrant AD Voorne-Putten kopte dezer dagen opgewonden iets als de kust van Voorne wint de eerste prijs als: “groenste en duurzaamste natuurgebied ter wereld”. Hé, hoe kan dat nou, dacht de Mus, met de kennis die zij heeft van de deplorabele toestand waarin Voorne’s Duin verkeert. Het AD gaf daar verder geen antwoord op maar Google wist het wel. Westvoorne, Goeree, Schouwen-Duiveland en Veere hebben in 2018 de “quality Coast Award” gewonnen, toegekend door de “Green Destination Top van de “Green Destination and TravelMole’s Vision” op duurzaam toerisme. Dat was een heleboel Engels voor een commerciële organisatie waar o.a. Westvoorne geld aan doneert om elk jaar de “blauwe vlag” te mogen hijsen voor het schoonste strand of zo.
“De beste duurzame kustbestemming wereldwijd” stond er nog. Cascais in Portugal werd ook nog genoemd. Daar kun je inderdaad spectaculair heerlijk surfen op atlantisch hoge golven. Alleen moet je met je surfboard wel slalommen tussen de hondendrollen voor je de zee kunt bereiken. Heel duurzaam natuurlijk, een bemest strand.

Wat de Mus nu zo ergerde aan het hosanna-geroep waren de reacties van de autoriteiten van Westvoorne en Natuurmonumenten op de toegekende wereldwijde prijs.
Neem nu burgemeester De Jong van Westvoorne. Liep naar eigen zeggen al in de 80-er jaren van de vorig eeuw door Voorne’s Duin om rust te zoeken. Hij verwelkomt uiteraard al die natuurliefhebbers om te komen struinen in de duinen. Maar hoe zit het met de rust? Gaf deze burgemeester niet hoogst persoonlijk een vergunning voor carbidschieten in Voorne’s Duin. En het hoe zit met de jaarlijkse motorraces die in de broedtijd gehouden worden op het 1ste en het 2de Slag van Rockanje. En wat te denken van de fourwheeldrive wedstrijden op het strand, of de nagenoeg wekelijkse strandfeesten tijdens het badseizoen. Echt rustgevend toch?

Het meest geërgerd heeft mij de boswachter van Natuurmonumenten Ted Sluijter die je – ongetwijfeld in opdracht van zijn organisatie – nooit hoort als die natuurgebieden worden bedreigd. Waar is Natuurmonumenten als Voorne’s Duin wordt aangetast door de aanleg van de Tweede Maasvlakte, of de bouw van twee kolencentrales op de Eerste Maasvlakte of als naast Voorne’s Duin een veehouderij dreigt te worden uitgebreid van 70 naar 380 stuks melkvee? De heet Sluijter gaf hoog op over het open maken van de natuurgebieden door het afgraven van de met stikstof vervuilde bodem in de duingebieden. Een operatie die Voorne’s Duin noodlottig is geworden. In Voorne´s Duin loopt, inclusief de reeën, zoveel vee dat na de bulldozer de dunne kruidlaag nog verder wordt vertrapt. Noem dat maar eens natuurbeheer.

Mus las een poosje geleden dat het Havenbedrijf Rotterdam bijenkasten had geplaatst bij het Oostvoornse Meer en langs de A 15 een bloemenmengsel had ingezaaid als voedselbron voor de diertjes. Ik neem aan dat we straks een studie kunnen verwachten naar de resultaten van dit experiment door het Field Lab Green Economy bij het Oostvoornse Meer.”Hét podium voor duurzame initiatieven op het snijvlak van economie, wetenschap, natuur en recreatie”. Rotterdam weet het zo mooi te verkopen: Voorne-Putten als wingewest voor het haven industrieel complex.
En burgemeester De Jong krijgt natuurlijk het eerste potje honing.

Groei is afval. Maar we maken er nieuwe natuur mee.

Wat leven wij toch op een rare planeet en dan in het bijzonder op die speldenknop die Nederland heet. Al decennia lang wordt ons voorgehouden dat economische groei welvaart betekent. Nu die groei exponentieel is geworden blijken wij, omringd door luxueuze goederen, op en onder een afvalberg zijn komen te wonen. Wij produceren afval aan lopende band, we leven er op en onze atmosfeer wordt zwaar van de CO². Onze drie “hubs” – Schiphol, de haven en industrie van Rotterdam en de glastuinbouw blijven bergen afval produceren. Onze zogenaamde nieuwe natuur wordt aangelegd op “licht” verontreinigde bagger en op “licht” verontreinigde gronden afkomstig uit wateren en van bouwrijp gemaakte terreinen, niet alleen uit Nederland maar ook België. In de baggerberging tussen de Maasvlakten I en II, met de verneukeratieve naam “Slufter” wordt zwaar verontreinigde bagger en grond gestort. Dit alles uiteraard tegen een forse vergoeding. Waar Nederlandse bedrijven al geen geld uit maken. In deze vorm van oplichterij gingen onze voorvaders/kooplui ons al voor. Die importeerden kwaliteitswijn uit Frankrijk, versneden de wijn met water uit de gracht en verkocht het product als “kleine wijnen”. Je moet er maar opkomen.

In Nederland waren zo’n 40 jaar geleden 700.000 stortplaatsen van industrieel afval bekend. De meesten ervan liggen nog onaangeroerd. Want waar moet je met de troep naar toe? Meerderen ervan liggen in onze nabije omgeving, bij voorbeeld op de bodem van de gedempte zwaaikolk van het Hartelkanaal. Daar werden aan het einde van de zeventiger jaren van de vorig eeuw honderden vaten met aldrin, dieldrin en endrin keurig in rijen afgezonken om pas kort geleden doorgeroest en wel weer zichtbaar te worden bij de aanleg van een nieuw haventerrein op de Hartelstrook. De vaten afkomstig van bedrijven uit het Europoort/Botlekgebied en daar gestort nadat aan het begin van de tachtiger jaren een wereldwijd verbod op de productie en verkoop van drins werd uitgevaardigd vanwege bewezen kankerverwekkende eigenschappen. Wel kreeg nu die stortplaats van de DCMR het odium van “spoedlocatie” vanwege onaanvaardbare verspreidingsrisico’s. Een deel van de Hartelstrook is dan ook gesaneerd, een ander deel van de verontreiniging is ingepakt in een damwand. Daar zal het best een jaar of dertig veilig liggen, daarna krijg je natuurlijk weer kans op verdere verspreiding door scheurtjes, verzakkingen enz. De omgeving werd gesust, de gemeente Westvoorne legde er zelfs een waterspeelplaats voor kinderen aan. De Mus bedoelt de noordoever van het Oostvoornse Meer, op een steenworp afstand van de giflocatie.

Waar blijft zwaar vervuilde grond? De met xyleen en tolueen vervuilde grond, een laag van 4 meter dik uit de ondergrond van een nieuwbouwwijk in Lekkerkerk, is naar mijn beste weten destijds afgevoerd naar de kleiputten in België. Daar zou het tot in eeuwigheid blijven. België? Zou ons chemisch afval na jarenlange verdunning inmiddels weer terug kunnen naar ons land als die lichtverontreinigde baggerspecie en die lichtverontreinigde grond van bouwlocaties om met miljoenen tonnen gestort te worden in de grindgaten van de Maas en de Waal. Werk met werk maken, nieuwe natuur, leuk verdienen? Chemisch afval is volgens de heersende regelgeving na jarenlange verdunning immers geen chemisch afval meer. Maar wat vinden we er over vijftig jaar van?