Geschiedsvervalsing in het Briels Historisch Museum?

“Wie zijn verleden niet kent, begrijpt zijn heden niet”, oreerde burgemeester P. de Jong van de gemeente Westvoorne bij de overdracht in bruikleen van oud drinkgerei aan het Historisch Museum van Brielle. De heren en één dame waren daarbij gehuld in textiel uit de Brielse 1 April verkleedkist om de overdracht van het glaswerk tot een indrukwekkend persmomentje te verheffen. Jammer dat het Sinterklaasjournaal niet werd gehaald. Want wat is besturen van een gemeente door de vroedschap heden ten dage? Een lolletje, nietwaar. “Men dronk een glas, men deed een plas en lieten de zaken zoals het was”.

Nu moet de Mus bekennen dat zij met goede redenen niet in staat is het Briels Historisch Museum te bezoeken teneinde kennis te nemen van het zaalbord bij de vitrine waarin de glazen staan opgesteld. “Helemaal op hun plaats”, zo verhaalt de verslaggever van de Brielse Courant. “Op een paar glazen staat ook de naam van een gecommitteerde ingeland”, zo meldt het blad. Welke naam wordt niet vermeld, maar de Mus heeft zo haar vermoedens.
Jammer dat in het verslag zo weinig wordt verteld over de herkomst van de glazen, anders dan dat bestuurders vroeger hielden van een stevige borrel. En dat al vanaf 1742 toen de Generale Dijkage van Voorne (zeg maar het waterschap) de Koepel Zeeburg, gelegen op een duintop langs de Brielse Maas, in gebruik nam als vergaderruimte. Daar aanschouwden de heren vanuit de hoogte hun grootste vijand, de woedende zee boven de maasvlakte waar zóveel schepen vergingen, dat de gemeente Westvoorne nu denkt aan een profijtelijk wrakkenmuseum in het Oostvoornse Meer, want men blijft koopman. Dat de aanblik van de woeste vijand noodde to stevig glas is logisch, want hoe beveilig je met zo weinig mogelijke dukaten je eigendommen. De koepel Zeeburg werd in 1942 (Tweede Wereldoorlog) door de Duitse bezetter gesloopt omdat hij de kanonnen tegen een inval van onze bevrijders in de weg stond.

Sneuvelden de antieke glazen onder de sloopkogel? Nee, ze werden geconfiskeerd door de grootste grondbezitter van Voorne die sympathiseerde met de Duitse bezetters. De oorlogsbuit werd na beëindiging van de Tweede Wereldoorlog geschonken aan de gemeente Rockanje, waar ze lange tijd de burgemeesterskamer sierden. Of er daar nog uit gedronken werd? Wie zal het zeggen. Feit is dat de glazen het huidige bestuur van de gemeente Westvoorne in de weg stonden. Als hete aardappels werden ze doorgeschoven naar de namaak Koepel Zeeburg aan de Stationsweg in Oostvoorne en nu dus naar het Historisch Museum.

Waarom werden de glazen eigenlijk niet geschonken? Dan ben je er toch definitief vanaf. Of staat er soms in de schenkingsakte dat de gemeente of haar rechtsopvolgers de glazen niet mogen vervreemden? De nazaten van de schenker hanteren hun servituten streng, als het hen zo uitkomt.

(Men leze in het archief van www. nieuwsmus.nl “Hoe de familie Van Hoey Smith verweven raakte met de historie van Voorne”).

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *