Geothermie, Staatstoezicht op de Mijnen evalueert de gang van Zaken

Geothermie het SodM evalueert verder

In 2017 schreef een voormalig Inspecteur van het Staatstoezicht op de Mijnen (SodM) dat de glastuinders bij het leegpompen van de heetwaterbel, bijgenaamd Het Groot Nederlands Bassin, handelden als cowboys. In september 2021 evalueert het SodM opnieuw en wat blijkt? Het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat (EZK) heeft nog steeds steeds geen wetgeving betreffende de winning van heet water uit de diepe ondergrond. Het SodM schrijft: Eisen aan deskundigheid ontbreken, de inhoud van die eisen zijn nog steeds onbekend, er wordt nog steeds gewerkt met “open normen”, waardoor toezicht en handhaving ernstig worden bemoeilijkt. De Mus concludeert dat de glastuinders zich in goed gezelschap bevinden, namelijk het Ministerie van EZK als chef-cowboy.
De Mus vraagt zich af of dat destijds bij de Groningse aardgaswinning ook zo is gegaan. Zo van beste NAM begin maar, we zien wel war het schip strandt.

Het SodM begraaft de bittere boodschap in zijn evaluatie onder vergoeilijkende woorden: er is vooruitgang maar het kan veiliger.
Waarom dan de winning van aardwarmte door de glastuinbouw niet stil gelegd tot de installatie van bijvoorbeeld veiliger duurzame putten is voltooid? De tuinbouwbedrijven hebben hebben vorstelijke subsidies gekregen ter waarde van meer dan een half miljard, maar kennelijk is er weinig toezicht geweest op de besteding er van. “De tuinders hebben Inferieure materialen gebruikt bij de aanleg van de putten waardoor ernstige corrosie optrad en zelfs gaten ontstonden in de putwanden”. Met als gevolg vervuiling van de diepe ondergrond.

Merkwaardigerwijs is het SodM weer niet verantwoordelijk voor de bovengrondse installaties. Dat valt weer onder de Omgevingswet om de zaak nog ingewikkelder te maken. Het SodM ziet in deze figuur weer de mogelijkheid om burgers te betrekken bij aardwarmte projecten. Hetgeen alweer volgens het SodM belangrijk is als heetwaterwinning straks ook gebruikt gaat worden voor de verwarming van huizen in stedelijke gebieden. Wat daarvan dan terecht komt is nu al duidelijk. Want wie nodig je uit? Mensen uit de directe omgeving van een warmtewinningsinstallatie of al diegenen welke boven het winningsgebied wonen? De tuinders houden het op het eerste, EZK op de tweede mogelijkheid. Ter informatie van EZK: Mus woont gezien de briefkaart van EZK op het winningsgebied. Maar onlangs was er een voorlichtingsavond voor omwonenden van GeoMec4P uit Vierpolders en de raadsleden van Brielle voor een voorlichtingsbijeenkomst, maar Mus werd geweigerd als zijnde geen omwonende.

Nog een geluk dat EZK mij wel beschouwt als direct belanghebbende. Want in de procedure voor een winningsvergunning voor GeoMec4P bij de Raad van State liet Hydromec mij al weten dat mijn bezwaren nergens op sloegen. De teneur was een beetje “laat dat oudje maar bazelen”.
We zullen zien.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *