Dorpsraad, ook in Tinte?

Dorpsraad, ook in Tinte?

Dezer dagen bezocht de Mus als inwoner van Tinte een bijeenkomst over de oprichting van een dorpsraad. Met een inwonertal van nog geen 250 inwoners sneeuwen de belangen van zo’n groepje gemakkelijk onder in het grotere geheel van de nieuwe gemeente Voorne ver van Zee. In feite kent de bestuurlijke regelgeving van Nederland het begrip “dorpsraad” niet. Het is geen politiek gebonden orgaan, er zijn dus geen verkiezingen. Een dorpsraad kan functioneren als stichting of als vereniging. Een stichting zou het eenvoudigst zijn.

Tegen het einde van de bijeenkomst stelde een aanwezige dat “wij een boerengemeenschap zijn”. Die opmerking zette de Mus aan het denken, want Tinte is natuurlijk al decennia lang geen boerengemeenschap meer en de Mus kan dat aantonen.
Toen het Musje 54 jaar geleden met haar gezin in Tinte neerstreek was het vlekje op de kaart inderdaad een nagenoeg zelfvoorzienende agrarisch gerichte gemeenschap met veel meer inwoners. Het dorpje had meerdere winkels, een slijterij annex een handel in onkruidbestrijdingsmiddelen van Klaas Vliegedood, Van Leeuwen fijne vleeswaren en aquariumbenodigdheden, bakker Van Egmond die iedere ochtend Tinte liet geuren naar versgebakken brood en die de fietsende leerlingen van de Rijksscholengemeenschap in Brielle in de middag van voedzame spoorkoeken voorzag, Van Rij de kruidenier, een melkboer die aan huis kwam, Van Roon de smid annex rijwielhandel, aannemer Stolk aan de Kade, twee timmerbedrijven van Biesheuvel en De Wit en niet te vergeten de vrachtwagens van Van Geest. Langs Kade en Collinslandsedijk vijf boerderijen: Nieuwland, de schaapjes van wethouder Kleinjan, Scheigrond, Timmer, nog één in de bocht van de Collinslandsedijk, ik ben de naam vergeten, hij liet de zesde klassertjes van de twee lagere scholen op zijn terrein kamperen voor een afscheidsavondje van hun schooltijd. Tot slot boer Spruyt, die als bijverdienste een kleine manege runde en Ola-ijsjes verkocht. Mijn twee dochters, die de openbare lagere school in Tinte frequenteerden mochten Spruyt gaarne bezoeken. In een krans om het dorp nog tal van boerderijen en kleine tuinders met een klein druivenkasje.
Ja, Tinte was in die tijd een levendige, nagenoeg zelfvoorzienende boerengemeenschap met in de zomer een avond feest voor de inwoners waarop de de boerenkapel van de Volharding de sterren van de hemel speelde.

Maar die tijden zijn voorbij. Tinte is nu een forenzendorpje zonder eigen voorzieningen. De Mus kan de boerenbedrijven binnen de grenzen van de buurtschap Tinte op de vingers van één hand tellen. Dat betekent dat de dorpsraad een breder belang heeft te vertegenwoordigen. Een stichting als dorpsraad lijkt de Mus weinig democratisch. Bestuurders zitten weliswaar maar vier tot acht jaar, maar een stichtingsbestuur vult zichzelf aan en er ontstaat al snel een clubje van ons kent ons. De Mus zou liever een dorpsraad als vereniging zien. Een vereniging heeft leden, die een bescheiden contributie betalen, iedere Tintenaar kan lid worden, de leden kiezen uit hun midden de leden van de dorpsraad, die aan de dorpelingen de problemen voorlegt welke voorgelegd worden aan het gemeentebestuur.
Omslachtig? Ja. Maar democratie wil ook wat.

Arbeidsmigranten ophokken in het buitengebied van Westvoorne? De gemeenteraad heeft nog geen nee gezegd

Arbeidsmigranten ophokken in het buitengebied van Westvoorne? De gemeenteraad heeft nog geen “nee” gezegd.

Dezer dagen keek de Mus weer eens naar een commissievergadering van de commissie Grondgebied. Digitaal met talking heads zodat de onderlinge communicatie miniem bleef. De Mus keek omdat er een onderwerp aan de orde kon komen dat haar zeer bezig houdt, de huisvesting van arbeidsmigranten, door de LTO al opgeschaald tot “onze internationale medewerkers”. Dat er aan de verbetering van huisvesting van die medewerkers wordt gewerkt is hoog tijd. De Tweede Kamer heeft opdracht gegeven aan de de werkgroep Roemers om tot een werkbare oplossing te komen. Eén van de uitkomsten uit het advies dat Roemers c.s. aan de Tweede Kamer mee gaf was “haal de zeggenschap over die huisvesting uit handen van de glastuinders en de aspergetelers”. Dit om de onafhankelijkheid van arbeidsmigranten van hun werkgevers te verbeteren. Ieder die in de buurt van bijvoorbeeld een kassengebied woont kent de voorbeelden van ontslagen arbeidsmigranten die door hun tijdelijke werkgever uit hun huisvesting worden gezet na ontslag en dikwijls als ontheemden in de berm van de weg zitten te wachten tot het iemand belieft om ze verder te transporteren. Kort na de indiening van het advies Roemers trad het kabinet af en de Kamer besloot het onderwerp controversiëel te verklaren in afwachting van een nieuw kabinet. Dat duurde zo lang dat het kennelijk hete hangijzer uit de politieke belangstelling is verdwenen.

Beschikking of brief

Twee dagen voor Kerst ontving de Mus een brief. De adjunct-gemeentesecretaris- algemeen directeur P. van der Wurff was de afzender. “Ik verklaar het bezwaarschrift ongegrond onder handhaving van de bestreden beschikking”. Hoe nu? Altijd gedacht dat een beschikking op bezwaar ondertekend behoort te worden door de burgemeester en door de gemeentesecretaris, eventueel de adjunct. De gemeentesecretaris gaat over het ambtelijk apparaat. Burgemeester en wethouders vertegenwoordigen de gemeenteraad naar buiten. Maar klaarblijkelijk zijn de verhoudingen op het Westvoornse gemeentehuis veranderd en vertegenwoordigt de adjunct-gemeentesecretaris ook het bestuurlijk gezag. Waar zijn in Westvoorne de burgemeester en de wethouders eigenlijk? Gezellig thuis, of op wintersport? Wie zal het zeggen. Toch eens vragen aan de bestuursrechter of de brief die ik ontving van de adjunct-gemeentesecretaris wel een voor beroep vatbare beschikking is.

Intussen weet de lezer nog steeds niet waar de brief van de Mus over ging. De Mus maakt bezwaar tegen de afgifte van een horecavergunning aan het Verenigingsgebouw Tintestein. De horecavergunning maakt het mogelijk dat in het verenigingsgebouw van 12 uur ‘s middags tot 24 uur ‘s nachts alcoholische dranken mogen worden geschonken en is de sluitingstijd om 2 uur in de nacht. Deze bepalingengelden ook voor het terras van 220 m2. Ook voorziet de horecavergunning in de verkoop van alcoholhoudende dranken in de buurtwinkel, mocht die ooit opengaan. De lezer ziet het beeld al voor zich: de jongeren verzamelen zich op het terras op het achterterrein van de voormalige christelijke school, een achttienjarige jongere vervoegt zich in de buurtwinkel en bestelt een kratje bier en het gezellig samenzijn kan geheel legaal beginnen.
Enig toezicht ontbreekt. Maar een kniesoor die er om maalt.
Nu heeft het feestterrein volgens het omgevingsplan de bestemming “Maatschappelijke doeleinden”. Nu lijkt het de Mus het verspreiden van drank onder de jeugd van Tinte en omstreken niet bepaald een maatschappelijk doel. In tegendeel. Onlangs las ik nog in het AD dat het drank- en drugsgebruik onder de Voornse jeugd niet onderdoet voor het veel genoemde misbruik onder de jongeren van Goeree-Overflakkee. De autoriteiten daar maken zich er zorgen over. In Westvoorne kennelijk niet.

De horecavergunning maakt het ook mogelijk om het verenigingsgebouw af te huren voor bruiloften en partijen. Om het verenigingsgebouw in stand te houden moet de tent wel rendabel worden gemaakt. Uiteraard mogen de huurders hun eigen dranken meenemen. Kan een gezellige boel worden want de sluitingstijd is om 2 uur ‘s nachts.
Tijdens de hoorzitting over de horecavergunning bezworen de gemeente en de penningmeester van Tintestein dat de Mus spoken zag. Ook in het verleden zou geen overlast zijn veroorzaakt door het toenmalige verenigingsgebouw. In de gemeentelijke archieven was daarover niets te vinden.
Niets is minder waar. Ik heb de brief die de omwonenden van Tintestein aan de gemeente stuurden nog in mijn archief. De omwonenden zijn zelfs op gesprek geweest bij het toenmalige bestuur. Stel U voor. Je komt binnen. Achter de tafel een rij uit de kluiten gewassen jonge mannen aangevoerd door de heer Jan Hordijk die ons welkom heette met de woorden: “Wat komen jullie hier eigenlijk doen?”. Ook de huidige penningmeester de heer P. Beukelman was aanwezig. Gelukkig bracht het aanwezige, toenmalige schoolhoofd de bijeenkomst in veiliger vaarwater.
En heeft die bijeenkomst geholpen tegen de overlast? Ja, op zo nu en dan een uitschieter na.
De Mus vindt het beklagenswaardig dat de gemeente willens en wetens aanstuurt op een herhaling van de feiten. Maar ja, wat moet de burger in een gemeente waar sommige ambtenaren de dienst uitmaken. Ze kunnen hun gang gaan. De bestuurders hebben kennelijk weinig meer te vertellen.